Werkgroep Vlietlijn draagt bouwstenen aan voor vervolg participatie
In dit artikel:
Een delegatie van participatiewerkgroep 3 uit Leidschendam‑Voorburg nam recent deel aan de evaluatie van het participatietraject rond de Vlietlijn, uitgevoerd door adviesbureau TwijnstraGudde in opdracht van de projectorganisatie Vlietlijn. De werkgroep is in september 2024 gestart en heeft sindsdien zo’n twintig bijeenkomsten en informatiemarkten bezocht. Hoewel de deelnemers vrijwilligers zijn en geen vakexperts, hebben zij zich intensief moeten verdiepen in ingewikkelde stukken zoals OV‑vervoerswaardestudies, wegprofielen, plan‑MER‑analyses en verkeerssimulaties.
Werkgroep 3 stelt dat verdere deelname en zinvolle besluitvorming pas mogelijk zijn zodra meerdere cruciale onduidelijkheden zijn opgehelderd: afronding van drie lopende verkeersonderzoeken, publicatie van een toekomstige regionale OV‑lijnennetkaart, helderheid over de vervoerswaarde van de hoofdtak Voorburg en de aftakking naar Rijswijk (Goudappel 2023), de Nota van Antwoord op ingediende zienswijzen en het toetsingsadvies van de Commissie MER op het Intergemeentelijk Gebiedsplan. Ook ontbreekt concrete informatie over hoe de negatieve effecten uit de planMER‑studie (2025) — 26 effecten voor Leidschendam‑Voorburg en 21 voor Rijswijk — gecompenseerd worden.
Namens de werkgroep overhandigde Robert Langen een brief aan de evaluator, waarin hij wijst op gebrek aan bestuurlijke samenhang in de regio: Rijswijk, Leidschendam‑Voorburg en Delft hebben verschillende standpunten over maatregelen zoals het afsluiten van de Geestbrug en het omklappen van tramlijn 1. Langen benadrukt dat de werkgroep wil meedenken en dat het proces inhoudelijk op orde moet zijn om zorgvuldig vervolg mogelijk te maken.